ANTWOORDEN VAN DE EGYPTENAREN:

 

1.       Egypte ligt in het werelddeel Afrika.

2.     "Egypte is een geschenk van de Nijl" Met deze zin bedoelt Herodotus dat de rivier de Nijl voor vruchtbare grond zorgt. Zonder de rivier de Nijl zou Egypte één grote woestijn zijn.

3.     De eerste steden ontstonden vlakbij de Nijl, omdat daar de enige plaats was waar genoeg voedsel te verbouwen was. Daardoor konden er meer mensen bij elkaar wonen.

4.     Neder-Egypte en Opper-Egypte

5.     Farao's = Egyptische koningen of koninginnen

Dynastieën = families waaruit de farao's kwamen

6.     Eerst haalde men alle organen en hersenen uit het lichaam van de dode. Daarna bedekte men het lichaam met natron, een zoutachtig poeder. Dit zorgde voor uitdroging van het lichaam. Vervolgens werd het lichaam gewassen en gemummificeerd. Dit was een godsdienstig ritueel, er werden tijdens het mummificeren amuletten en andere sieraden meegegeven.

7.     Isis. (Beschermgodin met toverkracht)

8.     Veel goden hadden verschillende namen, omdat iedere stad zijn eigen godenwereld had. Bij de ene stad heette de zonnegod "Ra" en bij de andere weer "Re"

9.     Osiris was een Egyptische farao en leerde de mensen goede landbouw te bedrijven. Hij was een geliefde koning. De broer van Osiris, Seth, was jaloers en wilde ook farao zijn. Hij vermoordde Osiris met een slim plan (hij had een kist gemaakt waar alleen Osiris in paste. Hij vertelde dat de persoon die er precies in zou passen de kist mocht hebben. Op een dag probeerde Osiris het ook en toen smeet Seth de kist dicht.) Het lichaam van Osiris werd in veel stukken gehakt en die lichaamsdelen werden verspreid over Egypte. Isis, de vrouw van Osiris, zocht alle stukken weer bij elkaar en zo kreeg Osiris alsnog een eervolle begrafenis, zodat hij God van de onderwereld (het dodenrijk) werd. Isis had nog een zoon van Osiris gekregen, Horus genaamd. Seth probeerde Horus te vermoorden en Isis moest met hem vluchten.

10.  Anoebis is de god van het mummificeren.

11.   Op het plaatje wordt een hart gewogen van een overleden persoon tegen de veer van de waarheid. Als je dood ging, geloofden de Egyptenaren dat je in het dodenrijk kon komen (de eeuwige velden) maar je moest eerst antwoord geven op een aantal belangrijke vragen over je leven. Die vragen werden gesteld door 42 rechters. Als je niet goed geleefd had of als je loog op de vragen, raakte de weegschaal uit balans. Dan werd je opgegeten door Ammit, een vreselijk monster. Toth, de schrijver van de goden, schreef alle antwoorden op. Als de weegschaal in balans bleef kreeg je van Osiris toegang tot de eeuwige velden.

12.  a waar b waar c niet waar d waar e niet waar

13.   "Hiëroglyfen" betekenen heilige inkrassingen.

14.   -

15.   -

16.   De hiëroglyfen zijn ontcijferd dankzij de vondst van een steen in het plaatsje Rosette door een kapitein uit het leger van Napoleon rond het jaar 1800. De Fransman Champollion lukte het na vele jaren om het hiëroglyfenschrift helemaal te ontcijferen

17.  700 tekens

18.  Het papyrusriet werd geplukt. De stengels sneed men in reepjes eraf. De reepjes werden kruislings over elkaar gelegd. Daarna legde men er een enorme steen op, zodat het gewicht van de steen op het sap van de reepjes drukte. Na een poosje haalde men de steen eraf en was het papyrus droog en hadden de sappen zich met elkaar vermengd. Alleen schrijvers mochten op dit dure papyrus schrijven.

19.  Kies uit : gerst, druiven, dadelpalmen, vlasplant, sesam, papyrusplant

20. Hout, brons, ijzer, ivoor, mirre, olie, wierook en exotische dieren

21.  brood, bier, groente en vis

22. Het kegeltje bevatte een olie. Als die smolt, ging je lekker ruiken.

23. Ouders wilden liever dat hun kind meehielp.

24. -

25. -

26. De piramiden werden gebouwd om de farao te begraven.

27. Sphinx (Sfinx)

28. 

29. 80 piramiden

30. farao Cheops.

31.   

 

32. Zie antwoorden van vraag 31

33. Trappiramide.